Zolang een samenwerking goed loopt, is de vraag wie eigenaar is van welk onderdeel van je website een formaliteit. Hij wordt urgent op precies één moment: als je wilt overstappen naar een ander bureau, of als de partij waar je mee werkt ermee ophoudt. Dan blijkt hoeveel je feitelijk in handen hebt.
Er zijn vier dingen die je apart moet regelen, en ze worden vaak door elkaar gehaald.
1. De domeinnaam
Dit is de belangrijkste en tegelijk de makkelijkste. De domeinnaam hoort geregistreerd te staan op naam van jouw organisatie, met het bureau hooguit als beheerder. Staat hij op naam van het bureau, dan heb je in het gunstigste geval een vervelend gesprek en in het ongunstigste geval weken vertraging.
Controleer dit zelf: bij een .nl-domein kun je via SIDN opzoeken wie de houder is. Dat kost een minuut en het antwoord verrast mensen regelmatig.
2. Het hostingaccount
Hetzelfde verhaal. Draait je site op een account van het bureau, dan kun je er niet bij zonder hun medewerking, en dat geldt ook voor je back-ups. Vraag om een account op eigen naam waar het bureau toegang toe heeft, in plaats van andersom. Vraag ook of je zelf een back-up kunt downloaden.
3. De broncode
Hier wordt het minder vanzelfsprekend. Bij maatwerk is de code die voor jou geschreven is niet automatisch van jou: sommige bureaus dragen het eigendom volledig over, andere leveren een gebruiksrecht terwijl het eigendom bij hen blijft. Beide zijn gangbaar en geen van beide is verkeerd, maar je moet weten welke van de twee je hebt.
Drie dingen zijn samen nodig om ooit te kunnen overstappen:
- Het eigendom of op zijn minst een ruim gebruiksrecht, schriftelijk vastgelegd.
- Toegang tot de opslagplaats waar de code staat, zodat je hem daadwerkelijk kunt ophalen.
- Documentatie: hoe de site is opgebouwd en waar een nieuwe ontwikkelaar zou moeten beginnen.
Met alleen het eerste kom je er niet. Eigendom van code die je niet kunt downloaden en die niemand kan lezen, is eigendom op papier.
4. De ontwerpbestanden
Het minst besproken punt. Het ontwerp is gemaakt in software als Figma, en die bestanden bevatten de opbouw van alle schermen en componenten. Zonder toegang moet een volgende ontwerper het werk grotendeels opnieuw opbouwen voordat hij iets kan aanpassen.
Vraag bij afronding om toegang tot het bestand, of om een export. Vraag ook of er een stijlgids of designsysteem is vastgelegd, want dat scheelt een volgende partij aanzienlijk.
Wat je vooraf vastlegt
Al deze punten zijn vooraf in twee zinnen te regelen en achteraf in geen enkele. Een redelijk verzoek aan elk bureau is: zet in de offerte of de voorwaarden wie eigenaar wordt van code en ontwerpbestanden, op wiens naam domein en hosting komen, en wat er bij beëindiging van de samenwerking wordt overgedragen en binnen welke termijn.
Een bureau dat daar zonder omhaal ja op zegt, geeft je meteen het belangrijkste signaal: het rekent er niet op je vast te houden met iets anders dan het werk zelf.